• Mevrouw van der Staay vertelt .

"Ik voel me hier veilig en vertrouwd"

Het verhaal van bewoonster mevrouw van der Staay

Nog even en dan heeft mevrouw van der Staay een eeuw volgemaakt. Nadat ze in 2016 was gevallen, verbleef ze eerst tijdelijk op de revalidatieafdeling. Sinds drie jaar woont ze bij Kempenland, een huis van Oktober in Bladel. En dat bevalt goed. ‘Ik ben de hele dag bezig. Handwerken, puzzelen en samen met medebewoners een kaartje leggen. Ik verveel me hier nooit.’

Met uw 99 jaar bent u nog goed bij de pinken. Wat is uw geheim?

Ik ben altijd alles blijven doen. Tot vier jaar geleden reed ik nog gewoon auto. Na mijn val kan ik natuurlijk niet alles meer, maar ik zorg er wel voor dat ik bezig blijf. Dat kan hier ook, want er is altijd iemand om een praatje te maken of een spelletje te doen. Je bent nooit alleen, dus je hoeft je nooit te vervelen. Verder heb ik altijd hard gewerkt. Ik ben de oudste van negen kinderen en was elke dag in de weer op de boerderij. Ook toen ik later trouwde ben ik een bezige bij gebleven. Veel wandelen en fietsen. Nog steeds ga ik elke dag een blokje om, je kunt hier fijn wandelen in Bladel. Ook met een rollator.

Voelt u zich op uw gemak bij Oktober?

Zeker wel. De mensen zijn hier heel aardig. Je kunt van alles aan ze vragen, ze staan altijd voor je klaar. De zusters komen me helpen met douchen, poetsen en steunkousen aandoen. Maar ze helpen me ook als er dingen geregeld moeten worden, zoals een ziekenhuisbezoek. Ze houden het allemaal goed in de gaten. Ik kan ook heel fijn met ze praten. Over dingen van vroeger of dingen die ik nu meemaak. Ze nemen de tijd voor me en hebben altijd een luisterend oor. Dat echte contact, dat doet me heel veel.

Heeft u het gevoel dat u alles kunt zeggen?

Nou, ik laat me de kaas niet van het brood eten, hoor. Als ik ergens niet tevreden mee ben, durf ik het ook uit te spreken. Soms komen ze me wat later aankleden dan ik gewend ben. Dan zeg ik: ‘God, da’s wel laot, zeg. Ik waor zeker d’n lèste, nie?’. En dan lachen we even samen, want die ruimte is er ook. Maar ik heb het hier hartstikke naar mijn zin. Toen ik nog op mezelf woonde, was ik toch veel alleen. ’s Nachts was ik vaak bang, dat er zou worden ingebroken of iets anders naars zou gebeuren. Bij het minste geluid verschoot ik al. Sinds ik hier ben, is dat voorbij. Ik voel me hier heel veilig en vertrouwd. Ik voel me echt thuis.

 

Bewoonster mevrouw Van der Staay

"Ik voel me echt thuis."

Doet u veel mee aan activiteiten?

Natuurlijk. Als er wat te doen is, ben ik erbij. En er is hier heel veel te doen. Op maandagmiddag is er de liederentafel, op dinsdag is er muziek en op vrijdagmiddag kunnen we gaan gymmen. Er is een speciale middag voor bewoners die ouder zijn dan 82, dus dat is heel prettig. Ik probeer alles en doe overal aan mee. Eigenlijk ben ik de hele dag wel bezig. Handwerken, puzzelen en samen met medebewoners een kaartje leggen. Ik verveel me hier nooit. En op zaterdag en zondag heb ik meestal wel bezoek van mijn broer, kinderen of kleinkinderen. Dus zo is mijn week snel vol. Dat vind ik wel fijn, ja.

Wat zou u tegen mensen zeggen die ook in een woonzorgcentrum gaan wonen?

Dat ze er geen schrik van moeten hebben. In het begin vond ik het ook moeilijk. Je bent eraan gewend dat je zelf je potje kunt koken, in je eigen huisje en in je vertrouwde buurt. Ik heb alles achter moeten laten en dat deed echt zeer. Maar al na een paar weken wilde ik hier niet meer weg. Ik ben hier veel rustiger geworden. Er wordt voor je gezorgd en er is altijd iemand om mee te praten. Mensen helpen je als het nodig is en verder mag je gewoon je eigen gang gaan. Het is een zorgeloos leven, zeg ik altijd.

Weet je wat het is? Op mijn leeftijd heb je veel mooie dingen mee mogen maken. Maar er is ook veel verdriet, omdat ik al van vele mensen afscheid heb moeten nemen. Mijn vader is 95 jaar geworden. Zelf ben ik hier ook de oudste maar als ik me zo blijf voelen, ga ik voor de 100. Ik heb hier een mooie oude dag.